maandag 26 september 2016

De troost van de filosofie

Het moge duidelijk zijn: ik ben geen freshman. Of freshwoman. Ik ben al een tijdje afgestudeerd en aan het werk. Als prille achttienjarige was studeren aan de universiteit voor mij eigenlijk te vroeg. Ik haalde het met vallen en opstaan, maar er echt aan toe was ik niet, dat weet ik nu.

Vandaag haal ik alles dubbel en dik in. En ik begin voor het eerst iets te snappen van filosofie. Daarvoor alleen al vind ik het heerlijk om weer in de boeken te duiken. Pas op, ik begrijp lang niet alles. Maar ik vind het heerlijk om nieuwe inzichten te krijgen en dingen met elkaar te linken, die vroeger mijn petje te boven gingen.

Echt jammer dat leerlingen op dit moment die kans niet krijgen. Ik zie het dagelijks in mijn klaspraktijk: de pubers die hun broeken zitten te verslijten op de schoolbanken, nauwelijks de luiers ontgroeid en niet in staat om een paar zinnen zonder fouten op papier te zetten. Maar je hebt er ook die nu al reikhalzend uitkijken naar volgend jaar. Die het middelbaar wel gezien hebben. Die klaar zijn voor andere, nieuwere uitdagingen. Zo jammer dat die allemaal in datzelfde enge (klas)hokje geduwd worden.

Wat de filosofie betreft, duik ik op dit moment in volgende boeken, het een al een grotere uitdaging dan het andere:



vrijdag 23 september 2016

Studentenleven en schone kunst!

Gisteren reed ik na school onmiddellijk door naar Gent. Plan was om een aula te zoeken waar ik vanaf volgende week het vak 'Architectuur en stadsontwikkeling' ga volgen. De aula is gelegen in de lesgebouwen van de faculteit economie is een beetje verstopt, maar ik heb het gevonden! Oef! Missie geslaagd dus.

Daarna heb ik een beetje rondgedwaald vooraleer ik dochterlief ging opwachten aan de Schleiper. Het was prachtig weer en de Blandijnberg gonsde vol verwachting: overal nieuwe studenten. Het leek een beetje op 1 september, maar dan voor studenten. Overal stonden deuren van huizen open om de studentenkoten van verse lucht en meubilair te voorzien. Auto's met koffers stampvol ikeaspullen, potten, planten, tapijten en lattenbodems, kisten en kratten met voeding en bier, plastic dozen met kapstokken en kussens. Veel kussens! De moderne student houdt van kussens, blijkbaar.

Groepjes met 'schachten' kregen rondleidingen door de straatjes rond de Blandijn, eentje droeg een pak met strik en pet. Als makke schaapjes volgden ze de leden van hun studentenkring, die uitgedost met sjerp de onschuldige meute het niet zo onschuldige studentenleven lieten zien. Groepen studenten beladen met meedogenloos scheurende zakjes van de boekhandel, vol loodzware syllabussen sierden menig portiek - zouden ze beseffen dat die leerstof over drie maanden in hun hoofd moet zitten?

Nadien wandelde ik in de richting van het Museum voor schone kunst voor een kort bezoekje van een uur. Te weinig tijd! Te veel moois! Ik focuste dus maar op de hoogtepunten. Volgende keer meer, want binnenkort is er een tentoonstelling over Emile Verhaeren.

Een impressie:







Er is er nog een die ik wat nader wil onderzoeken. Er hing namelijk een schilderij van de 'meester van de spijkerstof'. Dat intrigeerde, want spijkerstof doet me in eerste instantie denken aan jeansbroeken.

Niets gevonden! Dat vind ik zo vreemd, dat ik er toch een grondiger onderzoek naar ga verrichten. Wordt vervolgd!

Inge





woensdag 21 september 2016

La lezione italiano (prima parte)

Ciao tutti!

Imparo l'italiano ...
Perché ho comprato un libro italiano noto:
Le Avventure di Pinocchio ... Storia di un burattino.





En nu ben ik dat al de hele tijd aan het beluisteren. Nog steeds veel klank en weinig woord, maar hier en daar versta ik al iets en ik begin woorden te herkennen in de klankbrij. Andiamo!

Arrivederci!

Inge 
 


zaterdag 17 september 2016

What's in a year?

We zijn een jaar verder.
Ongelooflijk. Een rollercoaster was het, niet meer of minder dan dat.
Zes vakken in totaal zijn de revue gepasseerd.
Deze oude doos is voor alle zes geslaagd!

Feestje!

Het ging niet zonder vallen en opstaan.
Een vak niet geblokt krijgen, gewoon te veel informatie, te laat begonnen, geen tijd, ...

Alle excuses passeerden ook de revue.
Door scha en schande leert men, orakelt ons moeder altijd.
Ze heeft gelijk.

Maar het is gelukt!
En we beginnen opnieuw.

Vandaag heb ik heringeschreven voor het volgende academiejaar.
Spannend!
Wat hou ik van die start van een schooljaar. Nieuwe boeken, schriften, colleges, kladblokken, syllabussen, cursussen, glanzend nieuwe pennen, woordenboeken, schoolbanken, aula's, ... ja, zelfs proffen.

Zeven keer spannend!
Want waar vorig jaar zes vakken op het programma stonden, worden dat er dit jaar zeven. Slik.
Waarvan vijf af te leggen in januari.
Dubbel slik.

Mensen verklaren me gek, maar ik doe het lekker toch.
En dan nu: aan de slag.
De eerste bladzijde van een nieuwe cursus wordt omgedraaid.

Wordt vervolgd!

Inge

dinsdag 29 september 2015

Een zotte oude doos?

Toen ik in een ver (meer dan twintig jaar geleden!) en duister verleden op de universiteitsbanken in de Kulak (Germaanse talen, Nederlands en Duits) zat te ploeteren met leerstof waar ik absoluut nog niet klaar voor was, had ik nooit kunnen denken dat dit ooit zou gebeuren:





Oké, een beetje vroeg voor een midlifecrisis, maar verder is dit toch een beslissing die je wereld toch een beetje onder zijn grondvesten doet daveren - en ik heb het helemaal zelf gedaan.


In de colleges Duitse letterkunde van toen zat een oude doos in erg onhandige lesbanken. Geen kartonnen recipiënt voor zelfgetypte syllabi en dergelijke, maar letterlijk: een oudere vrouw die in devote aanbidding alle Duitse literaire letters van de lippen van de prof las (niet letterlijk op te vatten). Als tieners/twintigers vonden wij dit maar een raar fenomeen en stiekem lachten we de arme oude doos een beetje uit.


Twintig jaar later sta ik aan de andere kant: ik BEN de oude doos (ook niet letterlijk te nemen).


Aangezien ik dan toch kunsthistorisch aan de slag moet / wil, een opsomming van de voorlopige feiten, al dan niet historisch:
  • Ik bezit een kaart van de UGent (die mij geen kortingen oplevert, geen idee waar ze verder voor dient: uitzoeken dus.)
  • Ik bezit een kaart van de Kunsthistorische kring, die mij WEL kortingen oplevert: driewerf hoera. De mevrouw van Standaard Boekhandel fronste wel even, maar kunsthistorisch gezien mag een student daar blijkbaar wel wat 'gedateerd' zijn - grijns. Stiekem schep ik er toch wel een beetje een sardonisch genoegen in om overal te vragen of ik korting krijg met mijn studentenkaart ...
  • Ik was nog maar net ingeschreven, of ik zat al in de drek (om dat Engelse clichématige gemeengoedje wat te vermijden): een buis in de kelder van de Blandijn bleek gesprongen te zijn (nu al buizen? ;-). Dat leverde een vreemdsoortig gehuppel door waterachtige substanties (niet nader te omschrijven, eerlijk gezegd) naar een gezellig kelderoord alwaar drie studenten boekenverkoop hielden en waar ik een turf van 4 kilo kon kopen.
  • Wetenswaardigheid: Studenten met opgerolde stukjes keukenrol in hun neus leveren een verfrissende aanblik op.
  • Wetenswaardigheid: Het slot op de kast van de Kunsthistorische kring is wat roestig - blijkt moeilijk te openen (zelfs met wetenschap van de juiste code): al ligt dat ook weer kunsthistorisch in de lijn der verwachtingen. Great expectations!
  • Een feit: de hersentraining die mij vanaf nu te wachten staat, zal mij toch voor minstens een aantal jaar vrijwaren van vroegtijdige dementie.
  • Het tijdschrift van de kunsthistorische kring heeft N.A.A.K.T. als titel en is razend boeiend (op de paar taalkundige malheures na - tja - ik blijf natuurlijk ook een schoolfrik Nederlands ;-), beware!)
  • Ik mag volgens de studentenkaart deelnemen aan cantussen - een mens moet grenzen blijven verleggen, dat heb ik altijd gevonden.
  • De student achter mij (een jonge frisse knaap) wilde hoegenaamd GEEN studentenkaart en ik was geïntrigeerd: waarom? Het jongmens in kwestie keek er zelfs een beetje getormenteerd bij, als was het een oneerbare vraag. Eentje om over na te denken.
  • Een oud-leerlinge (talig geschoold) kwam binnen gedarteld en riep spontaan (en een beetje verschrikt): 'Mevrouw Misschaert!' ... Daar ging mijn incognito cover en hopla: ik werd weer oude doos ;-)
  • Buiten liep nog een oude doos rond: een zwerver met talloze zakjes, een kapsel dat niet echt uit de toon viel en een zeer duistere blik. Mij vielen vooral de lompen rond zijn schoenen op. Volgens kenners heet hij Zakman (alweer een dubieus gekozen naam) en er doen wilde verhalen de ronde. Ik ben dol op wilde verhalen en een geschiedenis achterhalen is ook kunsthistorisch, toch?





En voor nu: focussen op de te kennen leerstof: eitje of totale en kunstzinnige afgang?
Hoe zeg je SOS op zijn kunsthistorisch?


Groetjes,


Inge

vrijdag 21 november 2014

Beste mevrouw Christie

Voor een schrijfwedstrijd van een Nederlandse krant, schreef ik deze brief naar één van mijn lievelingsschrijfsters, Agatha Christie. Ik heb niets gewonnen, verwachtte dat ook niet, maar het was erg leuk om mee te doen.


Beste mevrouw Agatha Christie,

Dat ik u schrijf is niet gepland, maar een opwelling. Geen misdrijf met voorbedachten rade, maar in sommige ogen misschien een faux-pas. Ik schrijf hem namelijk met wat de Engelsen zo mooi een 'alterior motive' noemen. (Het Engels blijft voor mij de taal van de Britten, een feit dat u mij wellicht niet kwalijk zal nemen). Ik neem met dit schrijven immers deel aan een wedstrijd, wat sommigen misschien als een belediging zouden opvatten, maar u wellicht gewoon tot een nieuw mysterie zou voeren. Nadat u bijgekomen bent van het lachen. Maar wie weet of ik deze brief ooit echt had geschreven, mocht er geen wedstrijd zijn geweest? Dat zal altijd een mysterie blijven.

Laten we de ernst van deze epistolaire conversatie even onder de loep nemen. De brief is namelijk nog steeds aan u gericht, hoewel hij over enige tijd misschien in een krant afgedrukt staat (dan heb ik gewonnen), of op mijn weblog (dan heb ik niet gewonnen), waar ik de tekst ook op een lezend publiek zal loslaten.

Deze briefwisseling is bovendien erg onrealistisch. Om te beginnen is de tijd ons ongunstig. Geen normaal mens schrijft een brief waarop onmogelijk een antwoord zal komen - of er zou goddelijke interventie aan te pas moeten komen. U bent namelijk niet meer onder de levenden (of scherper geformuleerd: u ligt al een tijdje onder de zoden - een zeer jammer feit, mag ik wel zeggen.)

Bovendien zijn brieven - zoals u ongetwijfeld op dit moment fronsend bedenkt - erg persoonlijk en alleen voor de geadresseerde bedoeld (nog zoiets: ik heb uw adres helemaal niet!) en zeker niet voor vreemde ogen en al helemaal niet voor honderden ogen.

Maar goed, ik schrijf voort. Want uit de vele levende en dode bekenden heb ik ervoor gekozen om u te schrijven. Het wedstrijdreglement schreef een bekende persoon voor, dood of levend. Wees gerust, ik verwacht geen applaus, ik ben ook geen vervelende stalker, maar een oprechte bewonderaar van uw werk.

We zijn inmiddels bijna honderd jaar verder dan de tijd waarin u leefde en vertoefde. Ik vraag me af wat u zou vinden van de eeuw waarin ik nu leef. Welke mysteries zou u nu bedenken? Zouden zij nog steeds dat typische herkenbare aura bezitten van de legendarische auteur die u bent (het woord sterft immers niet!).

We zullen het nooit weten (en deze brief is gelimiteerd in woorden, mijn excuses.)

Met oprechte hoogachting,

Inge Misschaert

P.S. 1: Ik lees nu uw boek 'Agatha Christie Mallowan, speuren naar het verleden'. Mijn antwoord op uw voorwoord is: het is géén niemendalletje - en zeker geen teleurstelling.

P.S. 2: Ik hoop van harte dat u datzelfde gevoel hebt over mijn brief - waarvoor dank.

dinsdag 11 november 2014

Van Brabo, handjes en mooie herfstdagen in eigen land

Terwijl radio Klara's muziek uit de film The constant gardener de huiskamer zachtjes opvult en elk in een hoekje zijn eigen ding doet, schrijf ik dit bericht. De avond valt nu vlug, schemering duurt maar even.

We waren in Brabo's stad vandaag, voor een wandeling in het historische centrum. Toerist in eigen land, dachten we gniffelend en met een kaart en gids uitgerust reden we de stad binnen. Of het stad - al druist die combinatie erg tegen mijn taalgevoel in ;-). Ach.

Het was een perfecte dag voor een stadsbezoek: prachtig weer en weinig volk. De foto's zijn een willekeur aan wat mij opviel. Ik weet bijvoorbeeld niet welk gebouw hieronder op de foto staat, maar ik vond de vorm ervan prachtig. Als je dan even je ogen sluit voor alles wat modern is, dan zie en hoor je zo de koetsen over de kasseien rollen, hoor je het geruis van lange rokken en het getik van wandelstokken van goedgeklede heren. Om de een of andere reden hoor ik er ook vioolmuziek bij, maar dat kan aan mijn radiokeuze liggen.

Ik nam de foto tegen de zon in en vind het resultaat best geslaagd. Her en der duiken zulke stambeelden op. Ik weet niet wie deze koene ruiter is, dat moet ik dan even opzoeken.Het paard doet me dan weer aan Bucefala denken en alle verhalen daarrond.

 De botanische tuin is leuk om doorheen te wandelen. Ik stel me bij dit soort entrees ook altijd het koetsgedruis van hierboven voor. Ik ben echt in de verkeerde tijd geboren, denk ik ;-) ...


Dit kunstwerk intrigeerde: gaat de mens naar boven? Of is het andersom?

En in die tuin vond ik ook een stoeltje dat mij past ...

 Mijn dochter verklaarde de liefde in het grind.

Het toneelhuis blijft gewoon prachtig. Daar moet ik toch ooit eens heen voor een voorstelling.

Ooit ben ik eens in deze winkel binnen geweest, waar de deur voor je wordt opengedaan door een portier in livrei (of iets dergelijks) en waar je bijna niet durft te bewegen (ik toch niet).

Dit vond ik echt boeiend. Jarenlang heb ik met zulke barbiepoppen gespeeld. Ik had er een stuk of vijf en maakte hele collecties kleren voor hen uit oude sokken en stofjes die ik van mijn mémé kreeg. Nostalgie!

Rubens ...

Om deze pracht kun je echt niet heen.


Een grappige naam van deze bistro. Ik vraag me af of er een verhaal achter zit. Dat moet haast wel ...


Terug naar huis, genieten van mooi geschilderde luchten en een prachtige zonsondergang. En nu een zalige kop thee met een echt Antwerps handje erbij! Tja, cultuur moet nu eenmaal geproefd worden, toch?


Steden en hun overvloed aan verhalen blijven me boeien. De muziek op de radio en in mijn hoofd gaan door en terwijl ik door mijn raam naar de rust van de velden kijk, leeft de stad nog een klein beetje verder in mij.